S01 - Episode 11 | SANNE

Geen weg terug

Over deze aflevering

Sanne is begin twintig en gaat met vriendinnen op stap. Omdat ze te veel gedronken heeft, besluit ze in haar auto op de bijrijdersstoel te slapen. Dan schrikt ze ineens achter het stuur wakker met een gebarsten voorruit – en geen idee wat er gebeurd is.

“Er zijn heel veel mensen die mij vragen: ja maar had je dan niet, op het moment dat je in de auto stapt en die sleutel omdraait, het gevoel dat je eigenlijk te dronken bent om te rijden?”

Credits
Regie: Annegriet Wietsma
Montage: Lotteke Boogert
Eindredactie: Valentine van de Lande
Fine edit, sounddesign en muziek: Jos Jansen (Big Orange)

Wil je ons helpen groeien?

Jouw rating op luisterplatforms helpt ons om meer luisteraars te bereiken. En meer luisteraars zorgt ervoor dat we meer afleveringen kunnen maken!

Spotify
Klik op de drie puntjes bij Verhaal Onbekend en kies ‘Show beoordelen’
Apple Podcasts
Scroll naar onderen en klik op aantal sterren bij ‘Beoordelingen en recensies’
Podimo
Klik een aflevering aan om te luisteren en klik op het hartje

Transcript

Mijn naam zou Sanne kunnen zijn. Ik ben door mijn eigen schuld terechtgekomen in een verschrikkelijke situatie die onomkeerbaar is. Ik ben niet het slachtoffer maar de veroorzaker. En ik had het kunnen voorkomen. Dit is mijn verhaal.

Het is elf jaar geleden, 15 januari 2015, is het gebeurd… Ik ben op dat moment 24 jaar en ik heb op de filmschool gezeten in Brussel. En ik werk als location manager voor film en televisie. En mijn leuze was altijd work hard, play hard. En op een dag ben ik bezig aan een kortfilm die zich afspeelde in Charleroi.

Ik ga met een vriendin naar Charleroi die dag. Het is super zonnig. Het is eigenlijk echt een toffe dag. We zijn ons aan het amuseren. En ja, ‘s avonds besluiten we om naar Gent te gaan. En wij spreken af met nog een vriendin en wij gaan op café en wij genieten van het leven. Alles is tof. Iedereen is gelukkig.

De cava komt op tafel, de sigaretten worden op tafel gelegd en wij gaan eigenlijk van het ene café naar het andere. Dus ja, we maken er een wilde avond van. Wij zijn beginnen shotjes drinken. Ik herinner mij nog dat wij in een café stonden en dat wij een basketteke bestelden. Allee dat is eigenlijk een longdrinkglas met Cointreau in.

Je steekt dat in brand en dan trek je je hand eigenlijk vacuüm op het glas. En dan zuig je eerst de lucht op, wat eigenlijk gewoon puur alcohol is. En daarna drink je de Cointreau op. Dus wel echt shotjes die recht naar uw brein gaan

Als ik terugkijk naar de avond dan hebben wij toch zeker twee flessen cava gedronken met ons drie. Dan nog een paar biertjes ertussen, een aantal shots. Dus ik kon nog wel praten want we hadden wel nog diepe gesprekken. Maar ik was niet meer nuchter. Ik was wel echt te dronken. Dus wij waren alle drie zeer vrolijk. Ja, echt twintigers die waren aan het amuseren.

Uiteindelijk is de avond afgelopen en wij nemen afscheid van een van de twee vriendinnen. En met de andere vriendin stappen wij in de auto. Ik denk dat zij gereden heeft, maar daar ben ik niet heel zeker meer van. Maar op die moment waren wij totaal niet bewust wat we gingen doen, dat dat eigenlijk fout was.

En ik ging blijven slapen bij de vriendin en ik zeg, ja, vrouw maar ik wil uw man niet wakker maken. Ik ga gewoon in mijn auto slapen en dan kan ik ook gewoon morgenvroeg… hoef ik met niemand rekening te houden en kan ik gewoon richting Antwerpen richting huiswaarts rijden. Dus ik stap eigenlijk naar de passagierszetel. Ik had gereden, denk ik. Maar ik weet dat niet. Want ik herinner me dat ik instap in de passagierszetel. En ik doe mijn schoenen uit. Ik had hakken aan, ik had pijnlijke voeten. En ik doe mijn ogen dicht.

Ik weet niet of die ogen dicht waren voor twee minuten of een uur, maar ik stap uit de auto, ik neem plaats op de bestuurderszetel en ik steek de sleutels in het contact en ik vertrek.

Er zijn heel veel mensen die mij vragen: ja maar had je dan niet op het moment dat je in de auto stapt en die sleutel omdraait, heb je dan niet het gevoel dat je eigenlijk te dronken bent om te rijden? Maar ik denk dat ik mij daar nooit bewust van ben geweest.

En het volgende wat ik weet, want ik zie mij ook niet rijden, is dat mijn voorruit eigenlijk gebarsten is en dat ik panikeer. Ik weet niet wat er is gebeurd. En plotseling besef ik, het is niet juist. Het is niet correct wat er net is gebeurd. En ik begin terug te rijden want ik heb iets geraakt. Of heb ik iemand geraakt? Dus ik ben volledig in paniek. En ik kijk terug naar mijn voorruit en die is gewoon volledig verbrijzeld. En de deur van mijn auto staat open en het is aan het regenen, het is donker. En ik sta nog altijd op mijn sokken in het midden van de straat. En ik probeer aan te bellen bij huizen. Maar niemand doet open. En de politie komt toe. En daar is eigenlijk duidelijk geworden dat ik effectief een persoon had aangereden, maar meer wist ik niet.

Het is elf jaar geleden en in die elf jaar zijn er eigenlijk zoveel feiten, dat ik dacht dat feiten waren, veranderd. Er komt nieuws naar boven wat u continu doet twijfelen aan uw verhaal. Ik maak mijn eigen verhaal in die aantal jaren, dus ik weet ook van heel veel dingen niet of ze nu waar zijn of niet waar zijn. En ik was dronken, dus ik weet daar zo weinig van. Er zijn heel veel mensen die mij vragen ja, maar als er zoiets gebeurt, dan word je toch op slag nuchter? Ik kan u zeggen, dat is niet waar. Ge blijft dronken. Alles wat die avond is gebeurd dat zijn flashes. Dat is echt precies of ik heb een film meegemaakt. Dat is ook hoe ik me de dagen daarna heb gevoeld.

Ze hebben mij meegenomen naar het politiekantoor. En dat nieuws begint binnen te sijpelen. Dronken of niet, je begint wel te beseffen van… Wow, wat heb ik hier gedaan? Ik heb ook heel vaak gevraagd: wie is mijn slachtoffer? Is er een slachtoffer? Leeft ze nog? Ja, dat mogen we niet zeggen. Dus ik was ervan overtuigd dat ik iemand vermoord had. En ge mocht niks weten. En dan stellen ze je enorm veel vragen. Maar die gesprekken die verhoren zijn eigenlijk superheftig. Het is superduidelijk, wat ik heb gedaan, dat ik een moordenaar ben, dat ik… Het recht niet heb om daar te zijn. Iedereen is kwaad op mij, ze zetten mij zinnen in mijn mond die niet van mij zijn. Er was een agent die vroeg: heb je gereden met je lichten aan? En ik zei ja, ik rijd altijd met mijn lichten aan, dat zijn automatische lichte. Ja, maar je deur stond open, mevrouw, en je lichten waren niet aan. Ik zei ja, omdat als mijn deur open gaat dan piept mijn auto, dus dan zet ik mijn lichten uit. Nee, dat is niet waar, je hebt gereden zonder licht. Ik zeg, nee dat is niet waar, ik heb gereden met lichten. Dus de hele discussie… in mijn verhoor staat er dat ik gereden heb zonder lichten.

En ik begon zelf ook te twijfelen aan mijn bestaan en aan alles en ik voelde mij een superharde moordenaar. En ik panikeer, ik moet de zoveelste verhoren in en ik heb die verhoren allemaal achteraf kunnen inlezen, dus dat helpt mij ook wel om dat een beetje voor mijzelf te reconstrueren wat er daar effectief die avond, nacht, is gebeurd.

Ze hebben mij in de cel gestoken, ik zat in die cel, de muren waren volgekrast, ge hoort iedereen roepen en schreeuwen. Ik had geen deken, geen wc-papier. Je kunt proberen te kloppen op die deur van hallo, is er iemand? Maar ge weet niet hoe laat dat het is. En ondertussen slaapt u uw roes uit en hoopt u dat het allemaal maar gewoon een droom is.

En ‘s ochtends komt iemand kloppen op de cel. Mijn hoofd bonkt, ik ben kotsmisselijk, ik heb echt een gigantisch kater en ik denk nog altijd… Wat doe ik hier? Wat is er gebeurd? En ik kreeg een advocaat. En het eerste wat hij zei is: Ja, we hebben dat al allemaal een keer gedaan. En ik dacht, dat is echt niet wat ik nu wil horen. Ik wil gewoon weten hoe dat met haar of hem is. En of dat ze nog leeft. Maar hij kon mij dat allemaal niet vertellen. En dan werd ik eigenlijk… met handboeien begeleid naar de onderzoeksrechter. Ik was 24, ik was eigenlijk in mijn ogen nu, was ik nog een kind. Ik had gewoon echt een ongelooflijke fout gemaakt. Ik heb een ongelooflijk fout gemaakt. Maar ja, zo een hand op uw hoofd om u in de combi te zetten, dat duwen op uw rug, die handboeien, echt superheftig. En dat is een gevoel dat ik nog altijd zo hard voel opkomen. Het gevoel dat ge een crimineel bent, dat ge een moordenaar bent. En hij vroeg: doet u dat vaker, zoveel drinken. Ik ben iemand, ik kan eigenlijk niet zo goed liegen. Ik kan hoe leugentje zo’n best wil doen, zo’n kleine, maar als het echt over fundamentele dingen gaat, dan lukt mij dat niet. Dus ik zeg ook gewoon: ja. En hij vraagt, heb je al ooit drugs gedaan? En ik zeg ook gewoon: ja. Want ik ben 24, ik kom van de kunstschool, ik heb al ooit drugs gedaan. Doe ik dat wekelijks? Nee. Maandelijks? Nee, al zeker niet. En ik krijg de stempel ‘drugsverslaafde, alcoholverslaafde’. Maar wel: buiten onder voorwaarden. En dat is ook een moment dat ik mij zo helder herinner. Ik mag een telefoon doen. Ik denk dat ik naar mijn vader heb gebeld om te zeggen, kijk papa, dit is er gebeurd. En ik zeg, ik ben vrij. En hij zegt: ik weet het, wij staan hier. Dus ik kom uit het politiekantoor, ik moet direct overgeven. En mijn vader en mijn toenmalige partner staan daar op mij te wachten. Ze hebben mij meegenomen, ze hebben mij in bad gestoken en ik heb daar een paar uur gezeten. Mijn zus kwam binnen met thee, die was super vriendelijk, super lief. Eigenlijk iedereen rondom mij was lief. En ik verstond dat niet. Ik dacht echt, waarom spreken jullie nog met mij? Ik ben een moordenaar. Ik heb iemand iets vreselijks aangedaan. Ik heb iemand afgenomen van zijn familie. En jullie zeggen dat alles goed komt.

De week daarop ben ik mijn bed eigenlijk niet uitgekomen en ik bleef maar vragen: hoe is het met het slachtoffer, is er al nieuws? Ja mevrouw, dat mogen we niet zeggen. En ik heb eigenlijk drie weken gedacht dat ze dood was, tot wanneer mijn tante voor mij is te weten gekomen dat ze nog leefde. Want zij werkt eigenlijk in het spoed en toen werd ook duidelijk dat ik een fietser had aangereden langs achter en dat die fietser eigenlijk voor dood is achtergelaten geweest en toen ik Gerbrich heb aangereden, Gerbrich heet ze, heb ik altijd gedacht dat de politie toevallig passeerde, een patrouille, en haar dan heeft gevonden. Maar achteraf heb ik wel gehoord dat Dimitri eigenlijk thuiskwam van zijn werk. En Dimitri is de man die Gerbrich heeft gevonden op de straat. Hij had een nachtshift gedaan en hij heeft Gerbrich op de grond zien liggen en heeft de hulpdiensten gebeld. En zij is eigenlijk in levensgevaar naar het ziekenhuis gebracht en zij heeft heel lang in coma gelegen omdat ze druk op haar hersenen had. Dus ze hebben een stuk van haar schedel eraf gehaald. En mijn tante hield me eigenlijk op de hoogte hoe dat het met haar ging en of dat ze nog in coma lag of niet. En ge kunt dat onmogelijk begrijpen, het schuldgevoel dat naar boven komt van iemand zijn leven compleet drastisch kapot te maken, dat kunde ge zelf niet beschrijven. Ik voelde mij ook constant aangestaard. Ik dacht ook, er moet hier een soort payback komen. Er gaat hier iemand plots voor de deur staan en mij al in elkaar slaan. En ze zouden het recht hebben. Dus ik voelde een continue angst over u. Elke keer als ik toch buiten kwam dan dacht ik, ja… Ze gaan denken dat het mij amuseert terwijl dat zij kan haar niet meer amuseren.

En… mentaal is dat de zwaarste straf dat ge kunt meemaken, maar ik begreep dat ook niet waarom ik niet naar het gevang moest. Ik dacht, mensen die zoiets doen, dat zijn toch echt slechte mensen vanuit borst. Dat zijn toch mensen die moeten afgeslacht worden en die moeten… Hoe kan dat dat ik hier op vrije voeten rondloop en dat ik zelf nog met mijn auto mag rijden?

Ik probeerde ook altijd om brieven te schrijven naar haar, maar ik mocht geen contact met haar opnemen. En ik had ook geen adres van haar. Ik mocht haar niet spreken, ik mocht haar niks sturen, ik mocht niet sorry zeggen. Het botst gewoon altijd op een muur en ik ben eigenlijk nog altijd kwaad op justitie omdat dat zo is gelopen dat ik als veroorzaker, als dader, ook niet werd gezegd hoe ik het beter kon maken, wat ik kon doen. Ik ben haar wel beginnen Facebooken maar wij hadden geen gemeenschappelijke vrienden, dus ik kon daar ook niet zo heel veel van opmaken. En ik heb eigenlijk een dagboek bijgehouden, dus ik heb elke dag naar haar geschreven.

En dan begint gewoon die molen van gerechtigheid. Ik heb heel veel testen opnieuw moeten doen. Ik moest om de zoveel tijd mijn bloed laten trekken. De centen dat leg ge ook niet zomaar op tafel. En ik heb nu wel nog altijd een letter op mijn rijbewijs dat bij mij absoluut een nultolerantie is. Maar qua echt van ‘straf’-straf ben ik er eigenlijk vrij goed van afgekomen. Maar eigenlijk qua juridische rompslomp is het ongelooflijk heftig geweest. Ik moest heel vaak naar het gerecht gaan, verhoor na verhoor. En ik vond het ook belangrijk dat ik er altijd bij was, omdat ik ook wou tonen van ja, kijk het spijt mij echt. Dat is niet zomaar iets dat is gebeurd.

Ik heb wel vrij snel na mijn ongeluk ben ik in contact gekomen met Moderator. En Moderator is effectief het bedrijf waarmee ik in het begin contact heb opgenomen. Daar werken ook moderators en dat zijn gewoon mensen die de tussenpersoon spelen tussen slachtoffer en veroorzaker. En uiteindelijk heb ik denk ik wel een keer één kaartje mogen sturen naar het slachtoffer maar in die zin dat ik het niet zelf mocht schrijven. Want alles kan en zal tegen u gebruikt worden, dat werd meermaals gezegd. Maar op een gegeven moment kreeg ik wel telefoon van de moderator: “Oké ze wil met u afspreken.” En dan had ik enorm veel stress. Ik was zo zenuwachtig de dagen, de weken ervoor om met haar af te spreken Want ja, je wilt wel ergens tonen van: ik ben echt wel een goed persoon.

En plotseling een week daarvoor, zegt ze af. En ik val opnieuw in elkaar. En ik beslis ook een paar jaar later, als ze mij nog vraagt, zeg ik nee. En ik spreek tegen iemand uit dat ik daar niet meer op wil ingaan. En een dag later krijg ik telefoon. En we zijn dan 2021: Gerbrich wil met u afspreken. En ik zeg ja. Uiteraard.

Wij moesten elke op een ander moment binnenkomen, zodat we elkaar zeker niet buiten zouden treffen voor de eerste keer. En ik kom binnen en wij knuffelen. Het eerste wat we deden is elkaar knuffelen en superhard vastpakken. En zij ziet mij wenen en ik huil zo hard dat zij daar rustig van wordt. Dus… ik zie ons daar zitten in dat ruimteke… en zij vertelt dat ook, van amai, dat geeft mij rust dat ge eigenlijk hebt afgezien. En zij vertelt ook waarom dat zij de eerste keer heeft ‘nee’ gezegd. Omdat zij al die jaren daartussen hoorde zij wel wie ik was ofzo. Ja, tuurlijk waren er momenten dat ik wel gelukkig was. Of dat ik gelukkig leek en dat ik uitging. En ik dronk nog altijd. Niet meer zo heftig. En ook niet meer als ik met een auto moet rijden. Nooit. Maar zij hoorde dan van via via… Ah ja, we hebben Sanne gezien op de Gentse feesten. En allee, Zze was aan het drinken. Waardoor zij daar eigenlijk echt een idee van had dat dat mij niks deed.

Ja, zij zegt dat en op dat moment krimp ik volledig ineen. En ik begin nog harder te huilen en ik vraag of ik even een momentje mag. Dus ik ga naar buiten. En ik ben terug binnengekomen en we hebben elkaar terug vastgepakt. En zij had zoveel vragen voor mij en ik heb ook moeten zeggen: Gerbrich, ik kan u die vraag niet beantwoorden. Ik weet het niet. Want het enige beeld dat ik heb van het ongeluk is ik die op de straat sta en mijn voorruit. En dat is alles. Want zelfs het aanbellen aan deuren, wat ik mij herinner, en ik ben daar zo zeker van geweest dat ik dat effectief heb gedaan, hebben ze achteraf gezegd, je hebt nergens aangebeld. Dus dat is gewoon iets super… raar maar ik heb daarna ook met heel veel mensen gebabbeld en die zeggen ook gewoon, dat is ook wel wat dat trauma met u doet.

Gerbrich heeft daar eigenlijk ook gewoon een heel hard trauma van, dus ik weet dat zij nog af en toe echt hoofdpijn heeft. Zij heeft ook het fysieke ding van dat er een deuk in haar schedel zit. En als ze bijvoorbeeld de hulpdiensten hoort dan voelt ze dat wel terug opkomen. Ik weet niet meer hoe lang dat ze exact in coma heeft gelegen. Het is wel een pittige revalidatie geweest voor haar. Maar gezien de toestand van elf jaar geleden, 15 januari, als je daarnaar kijkt hoe ik haar heb achtergelaten en ge kijkt naar hoe dat nu met haar is, is ze er supergoed uitgekomen.

En ik kan alleen maar nu…super dankbaar zijn… hoe dat Gerbrich in het leven staat… en hoe dat zij mij eigenlijk heeft ontvangen… en dat ik met haar daar samen iets kan doen. Wij geven gesprekken… ik ga haar getuigen in scholen… alles gewoon om ervoor te zorgen… dat het niet meer gebeurt. Ik ben nu ook bezig met een boek. Maar als ik zoiets doe, is het wel altijd… vraag ik mij wel af… wat gaan ze daarvan zeggen. Want zij gaat voor mij wel altijd mijn slachtoffer blijven en ik wil niet dat zij er op een of andere manier geschoffeerd wordt door iets wat ik doe. Maar we hebben hetzelfde doel. We willen niet dat er andere mensen moeten voorkomen wat wij overkomen hebben. Want het is verschrikkelijk, het leven na een ongeluk, zowel voor de slachtoffers als de veroorzakers, als heel uw entourage. Want op het moment dat ik Gerbrich aangereden heb, heb ik honderden mensen aangereden. Ik heb niet alleen Gerbrich aangereden. Ik heb haar kinderen aangereden. Ik heb haar familie, haar ex-man, iedereen die haar graag ziet, haar collega’s… dat is zo intens om mee te maken en ge kunt dat niet goedmaken. We sparen eigenlijk ons hele leven karmapunten op. En ik ben op ene nacht al mijn karmapunten kwijtgeraakt. En ik heb het gevoel dat ik nog altijd lager zit dan iemand anders door wat ik heb veroorzaakt. Maar ik heb wel het gevoel dat door wat ik er nu mee ben aan het doen, dat ik zoveel karmapunten ben aan het winnen.

Een paar maanden geleden hebben ze mij gecontacteerd vanuit Getuigen Onderweg. Zij hebben eigenlijk samen met de VRT in België, de omroep, hebben zij een campagne gestart: ‘Er zijn geen excuses’. Dat was samen met Tom Waes. Tom Waes is eigenlijk een acteur die een ongeval heeft gehad. Hij is dronken na een feestje in de auto toch naar huis gereden en is tegen een bots-absorbeerder gereden in zijn Porsche. En dat is eigenlijk een beeld dat heel België is rondgegaan, dus het was een beetje met hem een campagne, hij was eigenlijk twee, drie weken overal aanwezig. En los daarvan ben ik dus met Getuigen Onderweg heel vaak aan het spreken, dus dat is echt in scholen of in bedrijven dat ik een uur en al vertel over wie dat ik ben, wie dat ik was, wat ik heb veroorzaakt en hoe dat nu met mij gaa.t En in het begin vertel ik eigenlijk niet dat ik veroorzaker ben. En iedereen staat op, ik doe een spelletje en ik vraag ook: ‘wie van jullie vindt dat iemand die iemand dronken aanrijdt, geen plezier meer mag meemaken. Wie vindt dat als je iemand dronken aanrijdt dat hij naar gevangenis moet?’. Ik stel eigenlijk allemaal zo vragen en er zijn altijd mensen die in het begin blijven rechtstaan en die dat effectief vinden. En dan zeg ik: ik ben de veroorzaker.

En ik doe heel mijn verhaal en ik zeg ook van waar dat komt… ik zeg ook wat ik er nu mee doe, ik zeg welke straffen dat ik voor mezelf heb doorlopen. Ook dat ik dat nog altijd mijzelf niet heb vergeven. En ik voel ook dat door die getuigenis te doen, zijn er zoveel mensen die achteraf naar mij komen, die zeggen Amai, merci om te delen. Ik heb ook mijn getuigenis een keer moeten doen voor vrienden Dat was de eerste test. En iets later zat ik met een vriendin, was ik aan het babbelen. En zij zei dat ze met een vriend op café zat en die vriend had te veel gedronken en die wou naar huis. En Antje, die vriendin, zei: wilde gij nog dronken in uw auto stappen? Ik ga u even een verhaal vertellen. En ze vertelde mijn verhaal en die man heeft zijn sleutels aan haar gegeven. En dat is één iemand, maar dat is wel al één iemand die die avond niemand heeft kunnen aanrijden. Dus ik denk dat dat nu gewoon een beetje het doel is van mijn leven en ik ben trots op dat pad dat ik bewandel, want ik denk dat er andere mensen die niet zoiets mee hebben gemaakt, dat niet kunnen doen. Dus ik voel wel dat het ook wel ergens mijn taak is om het te doen. Maar ik kan alleen maar hopen dat mensen het niet moeten meemaken wat wij hebben meegemaakt.

En Gerbrich, zij heeft ook laten weten dat ze daar echt super trots op is dat ik dat doe. Ik voel ook wel dat zij ook wel trots is op het pad dat ik bewandel, want zij wil ook wel echt strijden voor geen alcohol in het verkeer. En er zijn nog mensen die dat vragen ja, wil ge dat ze u vergeeft, of die ook aan haar vragen hebt ge haar vergeven? En dat is iets wat ge niet kunt vergeven. En eigenlijk wil ik niet dat ze het mij vergeeft want ik kan het mezelf ook niet vergeven. Het is gewoon gebeurd.

En ik woon sinds vier jaar ongeveer in Oostende, de badstad. En nu gaat het eigenlijk supergoed. Oostende maakt mij enorm gelukkig. Hoe ik in het leven sta, maakt mij gelukkig. Ik sta enorm vaak extreem vroeg op om te beginnen met gewoon te genieten van de dag en in het donker, dat gewoon de zee alleen van mij is. Ik heb een heel schattig hondje, ik heb een ongelooflijk fantastische partner die alles logisch vindt wat hij voor mij doet. Want ge denkt ook gewoon heel vaak, verdien ik dat wel? En dat zijn van die mega kleine momenten die triggeren dat ik wel voel van… Oké ik verdien het. Ik verdien ook geluk.

 

Nog geen reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Trefwoorden

S01 - Episode 11 | SANNE
Geen weg terug
0:00 / 0:00

Vind je ons leuk? Steun ons met een kleine bijdrage