Rozemarijn gaat naar Gambia voor een vakantie met haar dochter. Maar ze komt terug met iets waar niemand in wil geloven:
de ware liefde.
Credits
Montage: Loes de Groen
Redactie: Annegriet Wietsma, Valentine van de Lande
Fine edit, sounddesign en muziek: Rik Rensen en Jos Jansen (Big Orange)
Jouw rating op luisterplatforms helpt ons om meer luisteraars te bereiken. En meer luisteraars zorgt ervoor dat we meer afleveringen kunnen maken!
Mijn naam zou Rozemarijn kunnen zijn, maar het maakt niet uit hoe ik heet. Dit is het verhaal van twee mensen die elkaar vonden en verliefd werden tegen alle verwachtingen in. Het verbaasde mij dat in eerste instantie mijn familie en vrienden heel lang niet in onze liefde geloofden. Omdat het niet hoort.
Amadou is een heel rustig stabiel persoon en we hadden echt een klik. Amadou is 41. Hij was anders dan andere Gambianen Dit is mijn verhaal.
Ik heb een dochter van 18 en ik werk in de cultuur- en onderwijssector. In 2018 ging mijn ex, de vader van mijn kind, naar Engeland. Hij remigreerde terug naar Engeland. Ik werkte bijna fulltime en had de zorg over mijn nog jonge dochter
In 2024, in februari, vertrok ik samen met mijn dochter naar Gambia voor een last minute vakantie. En ik kende Gambia totaal niet. Ik wist alleen dat het een subtropisch land was. Ik had ook geen geld bij me. Ik had ook helemaal geen injecties of tropische vaccinaties genomen. Dus ik kwam daar gewoon out of the blue opeens in dat land. Ik had één week daar en mijn dochter en ik zijn elke dag op stap gegaan. Ik vond het fantastisch. Het is een fantastisch land. Dus ik sloot het meteen in mijn hart.
Ik kwam Amadou ‘s ochtends een paar keer tegen op het strand. Hij was in die tijd aan het vissen en ik was aan het zwemmen En we waren alleen. Ik was op slag verliefd maar heel voorzichtig want ik was met mijn dochter. Het was wel een bijzondere week, want wat ik toen niet wist, was dat hij getuige was die week van een huwelijk van zijn Nederlandse vriend Henry. Dus het was een liefdevolle week voor hem en hij was drie dagen met dat huwelijk bezig. Ik heb uiteindelijk Amadou ook niet meer gezien aan het einde van de vakantie tot ik weg moest met de bus terug naar het vliegveld. En toen wilde ik hem nog opzoeken om gedag te zeggen. Hij was niet op het strand en toen ik de bus instapte, toen kwam hij opeens out of nowhere kwam hij aanrennen. En hij verklaarde mij de liefde. Het was vrij romantisch moet ik je eerlijk zeggen.
En hij vroeg me om zijn nummer en ik dacht eigenlijk twee dingen. Zal ik dat geven, want je bent echt nummer honderd die mijn nummer vraagt. En toen keek hij me nog een keer heel erg liefdevol aan. Toen zei ik, oké jij bent echt de enige die ik mijn nummer geef.
Het was zeker liefde op het eerste gezicht. Tegelijkertijd realiseerde ik me dat ik in een totaal andere setting wel verliefd was geworden op een man die ook misschien wel bijbedoelingen had kunnen hebben. Ik weet dat Gambia erom bekend staat dat het ook wel een seksparadijs is, met name voor witte vrouwen op leeftijd, maar ook mannen die met een jonge Gambiaanse vrouw een relatie beginnen. Dus ik heb eigenlijk vrij zorgvuldig gehandeld. Ik heb ook zijn vriend gebeld, uit Nederland. Heel veel vragen gesteld Wat is Gambia? Wat is de cultuur? Hoe zijn de mensen? En daarnaast heb ik ook in Amsterdam een aantal mensen gesproken die ook relaties hebben met mensen uit Senegal en Gambia. Ik heb echt wel maandenlang voorzichtig ook dat vooronderzoek gedaan. Dat je niet helemaal in het wilde weg iets begint.
Amadou had jaren geen relatie gehad. Ik was ook al een aantal jaar vrijgezel. En toen werd het een afstandsrelatie. Het mooie is dat Amadou en ik eigenlijk uit eenzelfde periode kwamen. Uit een hele grote periode van rouw. Ik heb jaren eigenlijk in de rouw gezeten. Want geheel onverwacht werd mijn vader ziek in juni 2018. Mijn vader was een ecologisch figuur die altijd in de tuin werkte en heel erg actief in het leven stond. Hij kreeg kanker en hij overleed in een aantal maanden. Er was een uitzaaiing gevonden. Ik ben in die tijd mantelzorger geweest. Het jaar daarna was rouw en was ook enorm stressvol met nalatenschapswerk. Het was gewoon niet te doen. Ik heb alleen maar gewerkt eigenlijk, of mantelzorgen of nalatenschap. Dus ik had geen sociaal leven.
Toen kwam de corona en aan het begin van de corona bleek dat mijn broer, die had een aantal maanden psychische problemen en ook een soort van angstneuroses. Mijn broer werd niet goed geholpen door de GGZ, een gebrek aan psychologen Dat was een hele grote zorg van ons. Hij werd uiteindelijk opgenomen in een crisiscentrum. Maar eigenlijk konden ze niks doen, want ze hadden geen psychologen die hem konden helpen. Ja, en toen kwam daar de corona en toen sloot het crisiscentrum de deuren. En ja, dat had een enorme impact, want hij zat opeens binnen vier muren alleen thuis. Ja, net als de rest van Nederland, maar hij had op dat moment niet iemand die hem opving. En ook geen activiteitenbegeleiding in een andere ruimte of buiten. Dus hij kon dat niet aan. Hij kon die leegte niet aan en hij heeft er helaas een einde aan gemaakt.
Dus… ik moest eigenlijk even terug naar mezelf, wat fijn was, maar ik miste menselijk contact. En het leven werd een sleur. Ik was eigenlijk op zoek naar echt contact en avontuur.
Ja, dus het zijn eigenlijk jaren van rouw geweest. En ja, ik voelde me in die tijd eenzaam omdat ik én heel hard moest werken én mantelzorgen én ik moest in mijn eentje voor een kind zorgen. Bovendien, mijn broer en mijn vader waren in een rij… ik ben heel veel mensen verloren. Ik ben echt twaalf mensen verloren. En ook veel jonge mensen. Dus ik heb eigenlijk al sinds 2014 een soort loop van… voortdurend dat mensen overlijden. Dus ja, ik had echt wel de jaren daarna behoefte aan… en ook een nieuwe relatie… maar ook om weer eens lekker te gaan reizen en avontuur op te zoeken.
De tweede keer ging ik drie weken in december naar Amadou en ja, dat was gewoon een hele mooie tijd en heel liefdevol en we zijn echt veel uitstapjes gaan maken. Ik heb hem zo ver gekregen om op een fiets te stappen. Nou, dat vinden Afrikanen heel raar om veertig kilometer te fietsen. Toen zijn we richting Kartong gegaan naar de grens van Senegal. En toen zei hij aan het einde van de dag, want hij is behoorlijk sportief, zei hij: ‘What did you do to me?’. En hij was echt helemaal uitgeput.
Amadou werkt in de toeristenindustrie en hij heeft ook losse baantjes. Van alles en nog wat. Soms op de vissersboot, soms krijgt hij ook van Europese toeristen van die bananendozen uit de containers en dan kan hij die spullen verkopen. Gambia is een van de meest vijftien arme landen van Afrika. Ja, er is weinig steun van de overheid naar het volk. Ongeveer tachtig procent van de bevolking kan zijn middelbare school niet afmaken. Er is een heel slecht zorg-systeem, als je ziek wordt, heb je eigenlijk pech. Ja, je kunt hem echt wel activistisch noemen. Vorig jaar werkte hij in een strandtent en er kwam een oudere rijke dame, een Engelse dame, met een hele jonge Gambiaan Dat zie je daar dus meer. Meestal zijn die sferen relaxed, maar deze jongeman kreeg de hele dag geen drankje. En deze dame ging ook nog heel erg zeuren aan het einde van de dag over de rekening. En toen werd Amadou heel erg boos en die zei, ja, je hebt al bijna geen drankjes besteld en ook voor deze man niet. Dus die ging eigenlijk heel erg strijden voor gelijke rechten. Ja, dat was wel typisch. En toen heeft hij ook een heel gesprek gehad met die jongeman. Van ja, weet je wel met wie jij nu optrekt?
Amadou heeft zijn ouders verloren in 2021 en 2022, binnen een half jaar na elkaar. Amadou had zich helemaal opgesloten, die had echt een heel jaar voor zijn ouders gezorgd. Was heel close met zijn ouders. En ja, dat was gewoon heel mooi hoe we elkaar ontmoetten en daar eigenlijk vrij snel ook gesprekken over voerden. En ook met zijn familie. Hij heeft vier broers, ze zijn met z’n vijven. En die zijn allemaal tussen de twintig en vijfenveertig. Volgens mij die allereerste ontmoeting ging zijn oudste broer gewoon meteen huilen. Gewoon zo heel erg uit het hart van… Oh, jij bent ook een ouder verloren en wij ook. En er werd meteen gezegd: je bent welkom, je bent een deel van ons. Dat heeft mij ongelooflijk geraakt.
Zijn ouders zijn op vrij jonge leeftijd overleden, eind zestig… Met als reden dat ze niet in een ziekenhuis behandeld konden worden. Dat kwam als een grote schok in de familie… dat deze twee mensen jong overleden. Ze hadden net een land gekocht. Die moeder had een land geërfd en dan hadden ze met heel veel extra geld jarenlang gespaard. En dat land was in de aankoop. En ze stonden op een kruispunt, deze familie, om dat land, daar een huis op te gaan bouwen en dan die ouders een pensioen te kunnen geven. Dat was het plan. En toen ging het geld eigenlijk naar alle ziekenhuizen waar de faciliteiten niet goed waren. En al het spaargeld ging op en gingen de ouders dood. En dat huis is tot op vandaag nooit gebouwd. En hebben ze een gigantische stressfactor omdat ze allemaal huurhuizen moeten huren voor alle familieleden. En ja, komen ze moeilijk rond.
Amadou vond het best moeilijk om mij zijn woning te laten zien. Gambiaanse families wonen in compounds. Als ze arm zijn. Als ze rijk zijn, hebben ze een vrijstaand huis of een rijtjeshuis. Maar een compound, ja, denk aan een soort hofje met allerlei appartementjes. Het zijn hele kleine ruimtes, allemaal 30 vierkante meter. Twee kamers en daar wonen dan tussen de vijf en tien mensen in zo’n ruimte. Ze slapen op de grond Ze hebben soms wel stromend water, soms niet. En het is heel sociaal. En ze hebben dus ook een hek aan het einde van de compound. Dus er kunnen soms auto’s in en uit. Als er geen gesloten hek is, worden de auto’s soms toch gestolen. Of wordt er een wiel van de auto gehaald om mee te nemen. Dus vanwege de auto’s of ja, vanwege de veiligheid gaan de meeste compounds ‘s nachts wel dicht tussen twaalf en zes uur ‘s ochtends.
In de compounds, daar komen bijna geen toeristen tenzij je dus connected bent met een Gambiaan. En wij hebben afgesproken dat ik daar niet verblijf. En ja, ik vond het prima en ik vond het heel speciaal om daar te zijn. Het is een gewoonte in een relatie met een Gambiaan om samen in een hotel te slapen. Ik merkte dat heel veel hoteleigenaren dat prima vinden en we hebben altijd meteen matties bij het personeel, de schoonmaker, de receptionist…
Wat ook nog mooi is om te vertellen is dat het wel een uitdaging is om qua religie gesprekken te voeren. We hebben hele mooie gesprekken gevoerd over de islam, over het christendom en over de verschillen en ook over de gemeenschappelijke delers Nu wil het feit dat… mijn vader was een soefi leider en in het soefisme, dat is een soort holistische verenigde godsdienst waar de zeven wereldgodsdiensten eigenlijk naast elkaar worden gelegd en geëerd en waar de gemeenschappelijkheden over uit worden gewisseld. En zo ben ik ook echt opgevoed. En daar waren ik en Amadou eigenlijk vrij snel over uit, dat dat heel erg verenigbaar was qua religie.
Toen ik een relatie ook begon met Amadou was het ‘Ja, hij woont zo ver weg. Je kan hem niet dagelijks zien en dat wordt toch niets.’ Maar in het geval van Amadou was dat eigenlijk gewoon niet aan de orde. Hij belt me eigenlijk altijd in vijf minuten terug en wij hebben gewoon vijf, zes, zeven keer per dag contact. En heb ik dat ervaren als één grote liefdesstroom. En tot op de dag van vandaag, dat contact heel erg gaat over of je je verbonden voelt met iemand. Is iemand er voor jou? En nee, hij is er niet live. In levenden lijve. Maar ja, hij is echt super attent. Als ik dan bijvoorbeeld, ik was een keer in Spanje en toen moest ik in een stad alleen ‘s avonds laat met een tram. ‘Ja, ik wacht wel eventjes want je bent in een vreemde stad en zorg nou eerst maar even goed ervoor dat je in een hotel zit en dan bel mij dan.’ Dus ja, voor mij was die afstand tot zoverre echt heel prima te doen, ook omdat ik een druk leven heb met een baan en een kind.
Wat ik heel erg mooi vind en voor de rest van mijn leven meeneem is de Gambian smile, die is daar en die is fantastisch. Elke ochtend als je opstaat in Gambia, krijg je zoveel glimlachen dat je dag eigenlijk al goed is. Dus ik neem deze glimlach mee op mijn gezicht.
Er zijn ook een aantal zaken die ons niet binden in de complexe onderwerpen Waar ik in de relatie heel erg mee kamp is de feminiene kracht versus de masculiene kracht. Dat betekent dat… ik wil graag vrouw zijn. En eigenlijk wil ik graag dat een man mij uit eten neemt en betaalt voor mij. En dat ik in een soort vrouwelijke rol kan zijn. En als alleenstaande kostwinner ben ik juist iemand die veel organiseert. En ook mijn masculiene kracht heel erg veel heeft ontwikkeld. En die zet ik dan toch ook in in Gambia. Ook omdat ik betaal. Niet alles, maar wel het hotel en het meeste eten. En dat vind ik in de relatie nog wel een soort stoorzender. Ja, je voelt je op een gegeven moment ook wel verantwoordelijk voor iemand en dat is natuurlijk helemaal niet de bedoeling. Dus dat staat soms wel een soort van gelijkwaardigheid in de weg.
Wat ik als vooroordelen in Gambia zelf aantrof, we ontmoetten een man uit Zeeland en daar raakten we wel een beetje bevriend mee en die riep de hele tijd: ‘Je wordt afgezet, het gaat nooit goed in relaties met Gambianen en Europeanen, geloof me, op een dag gaat het mis.’ En ik vond hem dus heel irritant. Maar het was nogal… hij leek een beetje op mij, een beetje no filter, een beetje grapjes maken. Dus we zijn er eigenlijk ook bevriend mee geraakt. Maar ja, dat is ook wel een beetje lastig omdat je dan toch daarmee moet dealen. Het trekt je uit een positieve energie. Ik heb heel veel van die mensen meteen gedist. Maar deze man was dan een uitzondering.
Het verbaasde mij dat in eerste instantie mijn familie en vrienden heel lang niet in onze liefde geloofden. Omdat het niet hoort. Omdat mensen het idee hadden dat je als witte vrouw een relatie geacht wordt te hebben met een westerse man. Of in ieder geval iemand met een goede economische situatie. Dan heb je toch zoiets van ja, ik ben verliefd! Wees nou blij dat ik verliefd ben! Ik ben voor het eerst in jaren echt ongelooflijk verliefd. Alleen dat al, dat is wat je wil. Je wil gewoon dat mensen jouw gevoel volgen en niet meteen in hun ratio gaan zitten.
Wat wel bijzonder is, is dat… er zijn dus ook vooroordelen over ‘oh, Amadou is nu met een Europese vrouw.’ Dus er zijn een aantal mensen in zijn cirkel die ook wat minder betaalden eigenlijk tijdens de ramadan of andere momenten. Omdat ze dan denken, ja, hij heeft deze Nederlandse vrouw nu, dus wij hoeven niet zo nodig meer. Maar daar kwam hij ook weer mee in de problemen, want ik ben een alleenstaande kostwinner, ik kan hem niet maandelijks geld geven, die afspraak hebben wij gemaakt. Het is wel een gewoonte dat je betaalt voor een Gambiaanse partner, omdat ze moeten leven van 60, 70 euro per maand. En dat maakt hem dus ook weer afhankelijk. Hij wil absoluut niet dat ik dat bespreek. Hij is zo’n respectvolle man. Hij vraagt ook niet om geld. En dit is echt… daarmee wil ik ook de vooroordelen ontkrachten. Niet alle Gambianen vragen om geld, geloof me, serieus. En dat is gewoon, net als jij en ik, we werken hard voor ons geld en we leven met wat we hebben.
Het is vrij gebruikelijk dat Afrikaanse jonge mannen op een dag uit het openbare leven verdwijnen, niets vertellen tegen vrienden en familie en de back way zijn gaan nemen. Een anekdote is dat ik samen met Amadou in een restaurantje zat, dat heet Kunta Kinte aan Palm Beach. En ik was helemaal romantisch want we hebben daar elkaar ontmoet en het is een ontzettend leuk restaurant. En we gingen lekker lunchen en we waren helemaal vrolijk. En Amadou loopt even tien minuten naar wat vrienden bij de vissersboten en hij komt terug met hele grote ogen. En hij zei, ja, een van mijn oud-collega’s die in Hotel Palm Beach werkte, ik heb gehoord dat hij is overleden. Hij heeft de overtocht niet gemaakt.
Er is ook gewoon geen werk. Er is geen werk. En dat is overleven. En dat is schrijnend. Dat is naar. Het is onmenselijk. En daarbij blijft het economische aspect, dus dat overleven, dat is het allerbelangrijkste. En als jij dus een romantische relatie wilt hebben met iemand, dan komt dat daarna pas. En dit is wel echt een kruispunt ook waar ik nu sta, van: dit is best heel ingewikkeld, want jouw partner zit in een overlevingsmodus en jij bent bezig met een romantische relatie.
Amadou’s droom is dat hij uiteindelijk ook in Europa wil werken om zijn familie te kunnen steunen. Het zou wel een van mijn dromen zijn om deze familie te helpen met een huis bouwen. Ja, mijn droom is een mooie relatie hebben. En waar dat heen gaat, dat weten wij momenteel niet.
Nou, we hebben eigenlijk in het begin van de relatie een soort plan uitgestippeld dat hij over een aantal jaar naar Nederland kan komen. Dan is mijn dochter uit huis en dan zouden we daar, in die stap, verder gaan. Het duurt ongelooflijk lang trouwens om de aanvraagprocedures door te lopen, want Gambianen kunnen niet op een toeristenvisum naar Nederland komen. Dus je moet eigenlijk meteen full monty voor de gezinshereniging gaan. Ik wil het ook nog aan hem vragen, want het is mij nog steeds niet helder. Hij wil naar Europa en hij vindt me ook superleuk, lief, maar economische redenen. Dus dat is er. En kortgeleden zei hij, ja, ik wil een gezin. Maar dat is een extra droom. Maar de Gambiaanse vrouwen willen een man met geld en dat heeft hij niet. Dus hij is gewoon te arm om eigenlijk een gezin te kunnen starten. Dat is eigenlijk zijn situatie. Dus hij heeft dromen, maar hij heeft geen werk. Dus ja, er is nog wel een zoektocht te gaan in de afstemming van de toekomst van onze relatie.
Ik vertel jullie een verhaal waarin ook onze liefde eigenlijk heel erg bezegeld is: dat ik in een van de compounds een avond had met zijn vrienden. En we waren lekker thee aan het drinken. Ataya. En… ja, heerlijke Gambiaanse thee en muziek aan het luisteren op playlists, op de telefoons. Heel veel lol, van hiphop naar pop. En ik kwam opeens in de playlist van mijn overleden broer terecht. En ik zei: ‘oh, luister even naar Led Zeppelin. Kennen jullie Led Zeppelin?’ Nou, Led Zeppelin kenden ze dan nog wel. Dus dat vonden ze hartstikke leuk om te horen. En toen zei ik, ‘oh kijk, in deze playlist staat ook één Afrikaans nummer. Dat is van Oumou Sangaré. En ik zet het wel even op.’ En ik zette dit muziekje op en terstond begon Amadou heel hard het nummer mee te zingen en met zijn armen te zwaaien. Hij sprong van zijn stoel en hij kreeg de grootste glimlach op zijn gezicht en daarna tranen. En toen zei hij: ‘ja, dit nummer is het lievelingsnummer van mijn moeder. Dat zong ze altijd in de keuken.’ En, ik lees een paar zinnen voor uit de vertaling van dit lied. Het komt uit de Bambara-taal: ‘Menselijkheid. Ik ben bang voor de menselijkheid. De mensen van tegenwoordig. Als je tegenwoordig iets goeds doet voor iemand, wordt dat eigenlijk al slecht beschouwd in deze wereld. Menselijkheid. Ik maak me zorgen over de mensen.’
En wat ik heel erg mooi vind is de Ubuntu-gedachte: wij zorgen voor elkaar. Gemeenschap, solidariteit en wederzijds respect. Dat zie je daar echt. Het verbaast je ook hoe liefdevol mensen elkaar opvangen. En er is altijd wel iets wat men aan elkaar geeft.
De ontmoeting met Amadou… Als wij mensen ontmoeten in het leven, dan gebeurt dat op het juiste moment. Dus ik zie die ontmoeting gewoon als iets wat had moeten gebeuren. Dat is geen toeval, dat is iets meer spiritueels. Ik denk dat wij op kruispunten staan in ons leven. En dan hebben wij ontmoetingen met mensen die op dat moment jou verder kunnen helpen en kunnen verrijken.